5 apr.-De provincie Noord-Holland wil meer ruimte geven aan landbouwverkeer op provinciale wegen. In totaal zijn 21 extra wegdelen aangewezen die in de toekomst mogelijk toegankelijk worden voor onder meer tractoren en oogstmachines.
Met deze stap kiest de provincie voor een ruimer zogenoemd ‘ja, tenzij’-beleid. Dat betekent dat landbouwvoertuigen in principe welkom zijn op provinciale wegen, mits de situatie veilig genoeg is. Op dit moment zijn veel van deze wegen nog gesloten voor dit type verkeer.
Balans tussen veiligheid en doorstroming
De discussie over landbouwverkeer speelt al langer in de provincie. In dorpskernen ervaren bewoners regelmatig overlast van zwaar en soms snel rijdend landbouwverkeer. Denk aan geluid, trillingen en onveilige situaties voor fietsers en voetgangers.
Tegelijkertijd kan het toelaten van landbouwverkeer op provinciale wegen juist zorgen voor minder drukte in dorpen. De provincie probeert daarom een balans te vinden tussen leefbaarheid, verkeersveiligheid en een goede doorstroming.
Duidelijke criteria
Samen met gemeenten, politie en brancheorganisaties zoals Transport en Logistiek Nederland, LTO Nederland en Cumelais een afwegingskader opgesteld. Daarin wordt per weg gekeken naar onder meer: de breedte van de weg, de hoeveelheid verkeer, de aanwezigheid van parallelwegen en de verkeersveiligheid.
Gedeputeerde Jeroen Olthof noemt het besluit een belangrijke stap: “Het is goed dat er nu duidelijkheid is over waar landbouwverkeer welkom is. Dat is positief voor ondernemers en draagt bij aan de veiligheid voor andere weggebruikers. Tegelijk blijft het maatwerk per locatie.”
Welke wegen komen in aanmerking?
Op basis van het nieuwe beleid zijn onder meer delen van de N208, N231, N232, N239, N241, N244, N246, N247, N249 en N504 tot en met N515 aangewezen als geschikt. Daarnaast onderzoekt de provincie nog of extra trajecten, zoals delen van de N239 en N240, kunnen worden aangepast en opengesteld.
Gefaseerde invoering
De wegen gaan niet meteen open. Eerst moet voor elk traject een verkeersbesluit worden genomen en worden waar nodig aanpassingen gedaan, zoals wegverbreding of snelheidsremmende maatregelen. Een speciaal provinciaal team gaat dit per locatie bekijken. De verwachting is dat het eerste traject in 2027 daadwerkelijk wordt opengesteld voor landbouwverkeer.

